keyware

Als je je ergens thuis voelt, hoef je nergens anders heen

Met de digitale wereld heeft hij niet zoveel. Geef Marinus de Vries (65) uit Terwispel maar het ambachtelijke werk. Timmeren, bouwen, construeren. De hamer en spijkers lopen als een rode draad door zijn leven. Als hoofduitvoerder ging hij afgelopen najaar na een indrukwekkend dienstverband van 49 jaar bij Van Wijnen met pensioen. “Ik zou niet onder een andere baas hebben willen werken. Hier voelde ik me altijd thuis.”

We schrijven 1968. Een roerig jaar. Martin Luther King wordt in Memphis vermoord, Willem van Hanegem maakt zijn debuut voor het Nederlands voetbalelftal, wielrenner Jan Janssen wint als eerste Nederlander ooit de Tour de France en de eerste uitzending van de Fabeltjeskrant op de Nederlandse televisie is een feit. Het gros van de huidige collega’s nog moet worden geboren als de 16-jarige Marinus de Vries bij Klaas de Leeuw in Tijnje zijn loopbaan begint. Als leerling timmerman. “Ik was klaar met de Ambachtsschool in Jubbega en in die tijd ging je bij de bouwbedrijven langs voor een baantje. Bij Klaas de Leeuw duurde het gesprek twintig minuten en ik kon aan de slag,” vertelt Marinus. Onder supervisie van Ruurd Hettema tuimelt hij het stelwerk in. Profielen maken en kozijnen stellen. Het gaat hem meteen goed af. Geen wonder want vader de Vries verdient de kost in de Wegenbouw en timmert daarnaast alles wat los en vast zit in elkaar. Als jochie doet Marinus dan ook niet anders. Een zelfgemaakte kano blijkt echter niet vaarbestendig. Een vogelhuisje lukt weer wel.

Trots

Met hulp van cursussen schopt Marinus het al gauw tot uitvoerder. “Je timmerde mee maar leidde ook het bouwproces waar prefab-onderdelen hun intrede deden. Dat werd steeds meer mijn ding,” vertelt hij. Ook als de bedrijfsnamen veranderen van De Leeuw in De Leeuw Jellema en uiteindelijk in Van Wijnen, plooit Marinus zich makkelijk naar de nieuwe omstandigheden. “Het waren puur naamsveranderingen. Het beleid bleef gewoon hetzelfde.” In deze periode ontstaat bij Marinus de passie voor het maken van werkplannen, met name in de bouwstromen door Noord-Nederland. “Alle planningen staan en vallen natuurlijk met het juiste personeel en begrip en respect voor elkaar. Mijn enthousiasme moest ook nog wel eens worden afgeremd door mijn jongens,” lacht hij.

Hoe langer de loopbaan wordt, hoe vaker Marinus jongere collega’s onder zijn hoede krijgt. “Mooi om hun mijn visie te kunnen meegeven. De sterk gemotiveerden zijn binnen het bedrijf ook goed terecht gekomen en hebben hun plek wel veroverd.” Wel ziet hij steeds meer specifieke kennis in het bedrijf toenemen en de algemene kennis afvlakken. Trots is hij op het zojuist voltooide Hudson’s Bay aan het Rokin in Amsterdam. Maar ook op de bouw van het Groninger Museum beginjaren negentig. “Ik was hoofduitvoerder. We bouwden in het water aan een enorme uitdaging want het ging om de locatie, het kunstige ontwerp en de stalen constructie erboven. Hier leerde ik zelf ook hoe je met een kunstzinnig ontwerp omgaat en het tot een bouwwerk maakt.”

Thuis

Vlak bij zo’n indrukwekkende loopbaan ook niet het thuisfront uit. “Janny heeft de reistijden van mij altijd geaccepteerd waardoor ik van 04.00 uur tot 18.00 uur van huis was. De telefoontjes die ik ‘s avonds in de file pleegde dat ik tóch weer later thuis was en dan na het 20.00 uur Journaal weer in bed kroop hakte er bij haar net zo goed in,” blikt Marinus terug. “Van de laatste grote werken heeft zij ook genoten toen we op mijn vrije dagen werkbezoeken brachten aan projecten zoals Hudson’s Bay toen we in de Torenkraan van 75 meter hoog zaten. Inmiddels is het afscheidsfeest geweest. “Het veertig jarig jubileum was al onvergetelijk,” begint Marinus, “Ongemerkt hadden collega’s mijn auto voor huis onder de stickers geplakt.” Maar kortgeleden werd hij door de afdeling getrakteerd op een dagje Amsterdam. Kwam hij niet in de verleiding om er nog een jaartje aan vast te knopen? 50 jaar? “Dat zou ik ook eerst wel doen. Als er nog een project liep wat af moest. Maar dat was niet het geval en dus vond ik het wel goed zo.”

“Ik zou nooit voor een andere baas hebben willen werken”

Marinus de Vries

Nu vult hij zijn vrije tijd vooral in de eigen timmerwerkplaats thuis. “Ik maak nog van alles. Trappen en kozijnen op verzoek en verder kerstversieringen of vogelhokjes. Die geef ik meestal weg.” Het bloed kruipt… Met zijn vrouw heeft hij duidelijke afspraken gemaakt. Die blijft haar bezigheden doen zoals ze die de laatste 49 jaar altijd deed. En Marinus voegt zich hiernaar. Bij mooi weer pakken ze de boot. Naar het IJsselmeer en de eilanden. Met de wind door de grijze haren en talloze herinneringen aan Van Wijnen nog aan de oppervlakte. “Ik zou nooit voor een andere baas hebben willen werken. De heldere structuur, het vertrouwde, zorgde ervoor dat je je iedere dag thuis voelde. En als je je ergens zó thuis voelt, geef je dat gevoel niet graag op.”